Bruggen en viaducten

Om bruggen en viaducten te verduurzamen passen publieke opdrachtgevers circulaire ontwerpprincipes toe (ook bekend als R-strategieën of het Bouwwaardemodel). Dit betekent dat we binnen onze organisaties – van beleid tot uitvoering – andere keuzes, standaarden en technieken gebruiken. Dit vermindert CO2-uitstoot, materiaalgebruik en (totale) levenscycluskosten. 

Preventie

Niet (her)bouwen of vervangen is het meest duurzaam. Daarom onderzoeken we of het ook zonder een bepaald object kan – eventueel met behulp van een andere maatregel of object met een vergelijkbaar effect. 

Waardebehoud

Met levensduurverlengende maatregelen en herberekeningen kunnen beheerders (her)bouwen/vervangen zo lang mogelijk uitstellen. Als we toch tot bouwen overgaan, overwegen we achtereenvolgens de volgende maatregelen:

Hergebruik

Dit ontwerpprincipe impliceert: 'Maak gebruik van dat wat er al is'. Op diverse plekken binnen Rijkswaterstaat wordt daarom kennis en ervaring opgedaan omtrent Hergebruik van (onderdelen van) Bruggen en Viaducten. Via de link vind je meer informatie over o.a. de Herbruikbaarheidsscan en de Nationale Bruggenbank.

Losmaakbaar bouwen (IFD)

Een ander ontwerpprincipe is 'Ontwerp voor meerdere levenscycli’. Hiervoor maken we gebruik van de IFD-principes (Industrieel, Flexibel en Demontabel) voor gestandaardiseerd, losmaakbaar bouwen ("legolisering"). Dit ontwerpprincipe kent momenteel drie NTA's voor (i) vaste kunstwerken, (ii) beweegbare bruggen en (iii) industriële automatisering.

Meer klimaatneutrale materialen

Hierbij gebruiken we zoveel mogelijk materialen met een lage CO2-emissie, voorkomen we het gebruik van toxische stoffen en schaarse materialen en onderzoeken we of gebruik van hernieuwbare grondstoffen mogelijk is. Dit betekent dat we werken met minimumeisen voor Duurzamer Beton en Biobased Materialen (bijvoorbeeld voor fiets- en voetgangersbruggen).
 

Waarom is het belangrijk in de context van het transitiepad Kunstwerken?

Veel publieke opdrachtgevers en beheerders (van groot tot klein) willen in 2030 volledig energieneutraal, klimaatneutraal en circulair werken. Dit laatste betekent dat we de kringloop van materialen sluiten om zo min mogelijk grondstoffen te verspillen. Zo verminderen we CO2-uitstoot en behouden we de waarde van grondstoffen en producten zo lang mogelijk.

De omslag naar een circulaire economie is ingrijpend en niemand weet precies hoe het moet. Samen met onze partners – ontwerpers, aannemers, kennisinstituten en andere overheden – doen we kennis en praktijkervaring op aan de hand van een gezamenlijke roadmap

Hoe kan ik zelf aan de slag met verduurzaming van bruggen en viaducten?

Samenwerken en kennis uitwisselen

Voor de uitvoeringspraktijk

Nieuwbouw/Vervanging: zorg dat de Marktvisie en Inkoopstrategie Circulaire Viaducten en Bruggen wordt toegepast door in (de eisen van) het ontwerp en in de bouw altijd rekening te houden met:

Bestaande Bouw: zorg dat materialen worden geoogst in plaats van gesloopt en dat opslaglocaties voor materialen en onderdelen georganiseerd worden. Meer informatie over het hergebruik van liggers en andere onderdelen is te vinden in de Kennisbundel Hergebruik. Meer informatie over IFD Bouwen is te vinden in de Kennisbundel IFD Bouwen.

Rijkswaterstaat maakt voor de verduurzaming van haar projectuitvoering van bruggen en viaducten (en verduurzaming van overige GWW-producten in het algemeen) gebruik van een actueel overzicht van alle toepasbare duurzaamheidsmaatregelen: Klanteisenspecificaties en Maatregelen duurzaamheid. Gebruik de filterfunctie om de maatregelen te vinden die passen bij een specifiek objecttype en projectfase.
 

Partners